Ze wijdde nog geen 60 bladzijde aan de geboorteplaats van de persoon die zij een uitzonderlijk leven toeschreef. Marita Mathijsen noemt haar boek een 'emobiografie' - de uitleg die ze hierbij geeft is dat ze niet alleen naar de levensloop, maar ook naar het gevoelsleven van Betje Wolff nieuwsgierig was. Zo bezien is de emobiografie dus ook een weerslag van de eigen gevoelens die de schrijfster ervaart bij het onderzoeken van het rijke innerlijke leven van Betje Wolff. (1738 – 1804)
Het boek trok mijn aandacht, vanwege Vlissingen en de naam Bekker. Betje Bekker is immers haar geboortenaam die zij meekreeg van haar vader Jan Bekker.
Wat we weten is dat Elizabeth Bekker op 24 juli 1738 te Vlissingen geboren is als jongste kind van Jan Bekker en Johanna Boudrie.
Marita Mathijsen (1944) is hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam, met een specialisatie in de negentiende-eeuwse letterkunde. Haar werk werd bekroond met de Multatuliprijs en de Prins Bernhard Fondsprijs voor de Geesteswetenschappen.
Haar motivatie is dat er nu veel meer bekend is over de positie van vrouwen in de achttiende eeuw. Daarom noemt zij haar biografie ook een emobiografie en wil zij het werk van Betje Wolff verbinden met haar leven en zo de felheid laten zien van haar onbevreesde aanpak van alles wat haar niet beviel. Betje Wolff was een uitzonderlijke vrouw met vrijzinnige ideeën, denk ook aan haar afkeer van slavernij. Volgens Marita nam Betje ferm stelling tegen de onderdrukking van vrouwen, tegen de slavernij, tegen dierenmishandeling, vóór het natuurlijke, vóór democratisch bestuur.
Sporen in Vlissingen van Betje zijn een wandeling waard. Natuurlijk ligt de start op het Bellamypark waar de fontein haar beeltenis verder draagt. Vanaf het Bellamypark kun je lopen naar de omgeving waar Betje is geboren en gewoond heeft.
Hoe vinden we inzicht in haar eerste levensfasen?
Het Bellamypark was vroeger de binnenhaven van Vlissingen, waarbij ze dichtbij woonde. Omringt door water en havens, nu ziet het er zo uit:

Bellamy was in November 1757 in Vlissingen geboren en dus bijna twintig jaar jonger dan Betje. Zijn uitheemse naam heeft hij van zijn Zwitserse vader, zijn moeder Sara Hoefnagel was een Zeeuwse. Betje Wolff en Bellamy kenden elkaar en hebben lang via een briefuitwisseling contact gehouden. Zij liggen aan de basis van het Zeeuws Genootschap der Wetenschappen.
Betje op de zijkant van het fontein op het Bellamy plein.

De Vlissingse schrijvers/dichters Betje Wolff en Jacobus Bellamy behoorden in de 18e eeuw tot de top van de Nederlandstalige literatuur.
Mogelijk is Betje via haar grote liefde, vaandrig Matthijs Gargon, meer te weten gekomen over het maritieme verleden van Vlissingen en misschien ook over Fort Rammekens, toen geen lange wandeling vanaf het huis waar de familie Bekker woonde.
Vlissingen was in de tweede helft van de achttiende eeuw de “onbetwiste hoofdstad” van de Nederlandse handel. Vaak wordt dit meer verbonden met een slavernij verleden dan met de handel. Daarover gaat dit blog niet en kun je zelf onderzoek naar doen.
Mij gaat het om de eerste levensjaren van Betje in Vlissingen. Wat leefde daar toen en hoe vormde het haar levensweg verder.
De familie Bekker was lid van de Nederduitse Gereformeerde kerk en uit de doopakte blijkt dat zij hun kinderen lieten dopen in de grote of st. Jacobskerk. Dat is eigenlijk vlak achter hun woonhuis. Deze kerk was en is nu weer een stempelplek van mensen die de Camino lopen en dus te relateren aan Jacobus de Meerdere.
In de Jacobskerk vind je veel eenhoorns in het wapen dit verwijst naar andere uitleg: https://nl.wikipedia.org/wiki/Lampsins
Het huis waar Betje geboren is, is niet meer, er ligt wel een herinnering aan haar schrijven op het huis wat naast haar geboortehuis nog wel bestaat.
Het majesteitelijke huis van de handelsfamilie Lampsins (nu Muzeem vlissingen) staat een paar huizen voorbij haar geboortehuis. Omdat je daar naar boven kan lopen krijg je een magnifiek uitzicht over de haven van Vlissingen en de binnenstad. Het geeft een idee van de tijd waarin Betje leefde, ook al is er al veel verbouwd en verwoest.
In het boek en ook op internet is meer te lezen over het gezin van Jan Bekker en Johanna Boudrie. Het eerst geboren kindje is niet ouder dan 2 jaar geworden en is gestorven een half jaar voor Betje 2 geboren is. Betje kreeg jaren later haar namen mee toen zij geboren is op 24 juli 1738. In het gezin van zeven kinderen waarvan deze namen bekend zijn: Laurens, Matthijs, Jan, Christina, Willem werd Betje geboren. Haar ouders hadden tevens vijf jaren van miskramen en doodgeboren kindjes ondergaan en ook Betje was en is haar hele leven klein gebleven, zwak en met altijd ondergewicht.
Bij haar geboorte was Jan Bekker 43 jaar oud en haar moeder Johanna Boudrie 37 jaar. Haar moeder is in de winter van 1751 overleden, Betje schreef vaak over haar herinneringen aan haar moeder met een werkzame vurige verbeeldingskracht. Het was zwaar voor Betje en haar familie, ook moesten ze verhuizen van de Nieuwendijk naar de Bakkersgang, een smalle tussenstraat. Haar zus Christina nam de huishouding over, zoals in die tijd gebruikelijk. Vanuit de Bakkersgang bleef ze lopen naar de Franse school, en leerde ze graag al was het nu zonder hulp van haar moeder.
Het is grappig dat de naam Betje Wolff zoveel bekendheid heeft gekregen. Haar naam is eigenlijk Elisabeth Bekker. Ze is een aantal jaren getrouwd geweest met Wolff en ook wordt ze vaak in een adem genoemd met Aagje Deken. Voor Vlissingen gaat het meer over Bellamy en hun schrijversactiviteiten.
Betje Wolff (1738-1804) zette dus twintig jaar lang vooral haar voetstappen in Zeeland, in Vlissingen. Haar familie bleef wonen in Vlissingen, haar zus trouwde met de apotheker waarvan ik jammer genoeg het huis niet kon vinden.
Mijn voormoeder draagt ook de naam Christina Bekker, dezelfde naam maar zie nog geen verbindingen lopen. Genealogisch onderzoek bracht me niet naar Vlissingen, wel naar Veere en Middelburg.
Kijk een hoe leuk: Stadsplattegrond tijdens de jeugd van Betje Wolff omstreeks 1740
Op deze foto kun je zien waar de familie Bekker ongeveer woonde en ook hoe dicht het bij de wateren van de Schelde lag. Wat zal het daar vaak hard gewaaid hebben.....
Alle andere afbeeldingen zijn eigen foto's....


Geen opmerkingen:
Een reactie posten