11-05-2018

St Bridget en de koe

St Brigid (of Kildare) Bridget was de dochter van een Iers stamhoofd, Dubtach en Brocca. Haar zetel was in Kildare (Cill = kerk en dare = eik) waar de fleur-de-lis overdadig aanwezig is. Wie is zij en wat is haar verbinding met de Keltische Graal?


Bridget werd rond het jaar 453 geboren. Dat was dus in de tijd dat Ierland dankzij de activiteiten van Sint Patrick († 461; feest 17 maart) en zijn gezellen het christelijk geloof begon aan te nemen. Volgens een hardnekkige traditie in Ierland stond haar wieg in het plaatsje Faughart bij Dundalk, maar alles bijeen genomen is het toch waarschijnlijker dat zij afkomstig was uit Uinmeras, zo'n tien kilometer verwijderd van Kildare.

Haar vader, Dubthach, was een heidens stamhoofd in Leinster; haar moeder, Broiscech geheten, was van Pictische afkomst. De Picten waren de oorspronkelijke bewoners van Schotland. Zij was reeds christen; er wordt wel verondersteld dat haar moeder nog gedoopt was door Sint Patrick zelf. Volgens de overlevering waren moeder en dochter als slaven verkocht aan een landeigenaar, die veel vee had. Toen moeders ogen slechter werden, moest Bridget, zo klein als ze was, de koeien melken, en boter, kaas en room maken.

De verhalen willen, dat zij als klein meisje al vervuld was van de geest van het evangelie. Zij kon het dan ook niet laten om armen, die langskwamen melk, boter, kaas en room mee te geven. Maar omdat er nu een opvallend open plaats was gevallen in de voorraden van haar baas, bad ze in stilte om uitkomst, en bij nader toezien bleek er in het geheel niets te ontbreken.

Sterker nog, haar baas was zo tevreden over haar werk, dat hij haar het bezit van zijn koeien aanbod. In plaats daarvan vroeg zij of zij met haar moeder de vrijheid kon terugkrijgen, zodat ze zich weer bij haar vader zou kunnen voegen. Hij stond het haar toe. Het schijnt dat deze heer zich later heeft laten dopen.

Weer wordt er van haar verteld dat ze veel hart had voor de armen. Maar omdat ze van zichzelf weinig bezat, schonk ze herhaaldelijk kostbaarheden van haar vader weg; zo schijnt ze zelfs eens een zwaard met edelstenen bezet aan een arme melaatse te hebben meegegeven. Overeenkomstig de gebruiken van die tijd ging vader op zoek naar een geschikte huwelijkskandidaat voor zijn dochter. Hij vond een jonge bard. In de Keltische samenleving van die dagen kwamen barden in rang onmiddellijk na de koning. Maar Bridget droomde ervan haar leven geheel en al aan God toe te wijden en non te worden.

Legende

De legende vertelt, dat zij in haar gebed gevraagd zou hebben dat zij zo lelijk mocht worden, dat geen enkele pretendent nog iets in haar zou zien. Dat gebeurde. Eenmaal in het klooster keerde haar vroegere schoonheid weer terug.

Zo diende zij zich op veertienjarige leeftijd aan bij de plaatselijke bisschop met het verzoek om voortaan als kluizenares een leven van gebed en versterving te mogen leiden. Tezamen met zeven andere vrouwen die hetzelfde verlangen hadden, ontving zij uit handen van twee bisschoppen een witte wollen mantel.

Eeuwenlang zijn die witte gewaden het herkenningsteken gebleven van de Ierse kloosterzusters. Bridget bouwde haar klooster op een terrein dat haar door een vriend van de koning van Leinster was geschonken. Het was van oudsher een heilige plaats geweest, gemarkeerd door een majestueuze eik. De plek heette dan ook 'Kil-Dara' (kill = cel, klooster; dara = eik). Latere legendes weten zelfs te vermelden dat Bridget aanvankelijk haar verblijfplaats had in een holte onder die eik.

In tegenstelling tot vele anderen beperkte Bridget haar activiteiten niet tot het klooster alleen. Zij begaf zich onder de mensen, en was zo een levend teken van het evangelie. Zo kwamen er eens twee melaatsen op haar af met het verzoek dat ze door haar genezen zouden worden. Zij deed een tobbe vol water, sprak er de zegen over uit en beval de twee dat ze elkaar moesten wassen. De melaatse die het eerste aan de beurt was, kwam geheel genezen en rein uit het badwater te voorschijn. Nadat hij schone kleren had gekregen, had hij geen zin meer zijn voormalige lotgenoot te helpen. Daarom deed Bridget het zelf. Maar terwijl de ander toekeek, voelde hij hoe langer hoe meer overal prikkelingen op de huid en constateerde dat zijn ziekte weer was teruggekeerd.

Uit dit verhaal blijkt, dat zij zich bemoeide met de genezing en verzorging van zieken en zwakken (volgens de verhalen heeft ze ook ooit een stom meisje haar stem teruggegeven), met het uitdelen van aalmoezen, met de ondersteuning van behoeftigen, en het bevrijden van gevangenen.

Daarover vertelt bijvoorbeeld de volgende legende.

Toen Brigitta als jong meisje onder haar eik in een cel woonde, leefde er in Ierland een koning, die als huisdier een tamme wolf had. Daar was hij bijzonder aan gehecht. Wilde wolven daarentegen waren gehaat in die tijd. De koning had zelfs beloningen uitgeloofd voor ieder die er één schoot en hem kwam afleveren op het paleis. Maar toen de lievelingswolf van de koning eens over de muur van de paleistuin sprong, uit speelsheid, en door de omgeving dwaalde, werd hij prompt doodgeschoten door een domme boer. Deze bracht zijn buit naar de koning in de veronderstelling een forse beloning te ontvangen. Hij werd echter door een woedende en verdrietige koning in de gevangenis geworpen. Brigitta kende de domme jager. Zij hoorde van zijn lot, spande haar wagen in en snelde naar het paleis om genade voor hem te smeken. Onderweg sprong er ineens een sneeuwwitte wolf in haar wagen, die nog nooit door een mensenhand was aangeraakt, maar zich nu aan haar voeten neerlegde als een trouw huisdier. Op het paleis bood zij de koning de prachtige wolf aan, waarbij het beest met zich liet sollen en spelen om maar te laten zien, hoe lief het was: 

"U krijgt een veel mooiere wolf terug dan u ooit hebt gehad", zei Brigitta, "als ik de domme boer meekrijg."

 Thuisgekomen nam ze afscheid van de boer: 

"Het is beter twee wilde dieren te ontvluchten, Heer Onbenul, dan dat een vriendelijk dier wordt gedood. Eerder kunnen wij domme mensen missen dan onze dieren." 

Niet alleen stond zij aan het hoofd van haar medezusters, maar zij gaf ook leiding aan een mannenklooster enige kilometers verderop. In de Keltische cultuur was er geen onderscheid in waardering voor mannen en vrouwen. Lange tijd hebben er dan ook zogeheten dubbelkloosters bestaan, die bovendien even geschikt door een man als door een vrouw konden worden geleid. Onder de monniken waren allerlei handwerkslieden; zij deden werk buitenshuis, terwijl de vrouwen de ambachtelijke werken binnen voor hun rekening namen. Zo voorzagen de kloosters geheel in hun eigen onderhoud.

Hier en daar wordt Bridget zelfs beschouwd als de eerste vrouwelijke priester. Er is een verhaal dat zij ooit door een bijziende bisschop, die het allemaal niet zo goed meer uit elkaar kon houden, priester is gewijd. Toen de goede man zijn vergissing inzag, moet hij uitgeroepen hebben dat het in Gods naam dan maar zo moest zijn en dat de wijding niet ongedaan gemaakt kon worden...

Bridget is op 1 februari 523 gestorven. Ze werd in een kostbare kist, afgezet met juwelen, begraven in de kloosterkerk. Sommigen beweren dat haar stoffelijk overschot tijdens de invallen van de Noormannen in 835 is overgebracht naar Downpatrick en daar naast de grote apostel van Ierland, Sint Patrick, te rusten is gelegd. Maar daar is tot nog toe geen bewijs voor gevonden.

Afbeelding en symbolieken




Ze wordt afgebeeld als abdis (met staf), vaak met een koe, soms met een paard aan haar voeten of met ganzen en eenden, want die zouden haar in haar eenzaamheid gezelschap hebben gehouden; of met een vurige vlam boven haar hoofd; of naast een schuur, omdat deze zich eens op haar gebed met oogst zou hebben gevuld; soms met een brandende kaars, waarvan was afdruppelt op haar arm.

In een Druïdisch ritueel wordt Bridget geëerd met een centrale bron met kaarsen. Het was gebruikelijk in de oudheid om de put te kleden met bloemen en groen. Vaak werden munten en andere zilveren voorwerpen aan de put aangeboden. Veel van Bridget's Holy Wells bestaan ​​nog steeds, sommige voor haar voor duizenden jaren heilig. Van haar wateren werd gezegd dat ze allerlei ziekten genazen. Er is ook de traditie om een ​​brood, kruik met melk en een kaars achter te laten voor Bridget.

Haar middeleeuwse biograaf Cogitosus, maakte van haar een gekerstende versie van de oeroude Keltische godin Brigantia (of Brighde). Allerlei verhalen die over die oergodin worden verteld, komen in Bridgets leven terug. Daarom wordt zij 'de wonderdoenster' genoemd (thaumaturga), omdat er talrijke wonderen aan haar worden toegeschreven.

St. Bridget is verbonden met de grote godinnen der aarde. De koeienhoorns en de voedende melk zijn haar symbolen, net als bij de Egyptische godinnen Isis en Hathor. Isis werd gedacht de moeder te zijn van elke farao en hem te voeden met haar kosmische melk - zo schonk zij de farao's wijsheid en rechtvaardigheid. Heel soms vind je een beeld van Maria als voedende moeder: Maria Lactans en ook hier duidt het op haar kosmische kwaliteiten, haar wijsheid en haar liefde voor de mensheid.

St. Bridget wordt vaak afgebeeld als een drievoud, de maagd, de moeder en het oude, wijze besje. De Triple goddess wil zeggen een godin met drie aspecten.  Zij is de Keltisch-christelijke heilige die naar Glastonbury kwam om daar een kleine nederzetting te stichten.

De koe is typerend voor haar. Melk is al van oudsher namelijk het symbool van het goddelijke vrouwelijke, dat elk mens voedt, een verwijzing naar de hemelse koe. De melk verwijst naar de ga-lactische - lacta is melk - sterrenwereld oftewel de Melkweg. Vandaar dag de de (voel) horens van de koe duiden op goddelijke intuïtie of helderziendheid.




St. Bridget leefde van 453-525 is de belangrijkste vrouwelijke heilige. Zij stichtte een groot vrouwenklooster en een grote kerk in Kildare. In Kilmore Church (St Mary's Cathedral) staan Jezus en Maria Magdalena (St. Mary)  hand in hand, wat volgens oud-Keltisch gebruik op een huwelijksritueel duidt. De naam Kildare (Cill Dara in het Iers) betekent 'kerk van de eik'.



Brigida was abdis van het Keltische zusterklooster en benoemde ook de abt voor de monniken. Later ging zij, net als St. Patrick, naar Glastonbury in Zuid -Engeland om daar het Iers christendom verder te grondvesten.



Over Glastonbury (voorheen Avalon of Isle de Glas) zijn geen wonderverhalen te vertellen, behalve misschien over St. Aristobulus. Aristobulus wordt in geschriften de raadgever van koning Bran genoemd, de Gezegende. Men noemt hem daar Arwystli Hen, wat zoveel betekent als: 'de adviseur, de oude'. Zijn Griekse naam Aristo boulos betekent 'allerbeste raadsman'. Een dergelijke uitdrukking wordt in de Bijbel gebruikt voor Jozef van Arimathea (Markus 15).Toen de bejaarde koning-aartsdruïde (Bran) vrijgelaten werd, vergezelde Aristobulus hem terug naar Wales om daar voor de rest van zijn leven te blijven. Is deze Jozef van Arimathea de broer van Anna, de moeder van Maria? En is het mogelijk dat deze Anna een prinses uit Cornwall  degene is die gehuwd was met de 'Joodse' tinhandelaar Joachim? Van Jezus wordt verteld dat hij les kreeg van de Britse druïden, ligt hier de oorsprong van de Graallegenden? Koning Arthur zou een directe nakomeling geweest zijn van Jozef van Arimathea. Er wordt veel gespeculeerd, feit is dat veel kunstschatten en oude geschriften verloren zijn geraakt en ook de bibliotheek van Glastonbury in vlammen is op gegaan; het bloeiende kloosterleven was abrupt voorbij....  https://www.vergadering.nu/kerkgeschiedenis/jozef-van-arimathea.htm



In de Ierse legende van Sint-Bride van Iona (Jonah betekent duif....)  komt tot uitdrukking, dat de Keltische ingewijden een directe verbinding hadden met het Christus-mysterie dat zich op aarde in Palestina voltrok.In de Mysteriewerking van Carnutum – de oude naam voor Chartres – moet zich, op overeenkomstige wijze als in Ierland het geval is geweest, doch geheel zelfstandig, een vermenging voltrokken hebben van oeroude Mysteriewijsheid met de impulsen uit het christendom. Maar niet door fysiek-aardse boodschappers werden de berichten naar het Keltische westen gebracht, maar via helderziende vermogens van de priesters. Rudolf Steiner wijst er op dat de volksziel van de Kelten behoort tot de categorie van de aartsengelen.

 Er zijn op zijn minst een paar aanwijzingen die doen vermoeden dat in Chartres het centrale heiligdom van de Druïden stond. Het Keltisch element is hier nooit helemaal verloren gegaan. Het leeft voort in de overlevering met betrekking tot de voor-christelijke Jonkvrouw-verering en de vreedzame overgang van de druïdische religie naar het christendom.

Zelfs de herinnering aan de heilige eik van de Druïden bleef levend, gezien het feit dat het beroemde beeld van de Jonkvrouw in de crypt – Notre Dame sous Terre – een kroon droeg waarvan de spitsen getooid waren met eikenbladeren. Zelf vind ik de vrucht van het eikenblad wel iets weg hebben van de kruid of zalfpot, het attribuut van Maria Magdalena!






Een zeer bijzondere legende van Bride van de eilanden werd aan het begin van de 20 e eeuw in de Schotse hooglanden opgetekend door Fiona Macleod (pseudoniem voor William Sharp, en een goede vriend van Dante Gabriel Rossetti en dus bekend met Maria Magdalena en het graalmotief)

In deze legende wordt beschreven dat erop Iona een hardnekkig verhaal gaat dat St. Bridget terug zal komen op aarde, maar dan als dienares van de vrouwelijke christus.: Bride genoemd.

Bride werd als klein meisje, samen met Dughall Donn, de zoon van de koning van Ierland, uit Ierland verbannen. Na een schipbreuk kwamen ze terecht op het eiland Iona aan de Schotse westkust. Hier groeide Bride op tot een lieflijke jonkvrouw. Ze werd opgevoed door de Druïden. In een groots visioen maakt zij de geboorte mee van het Jezuskind in de stal in Bethlehem. Ze mag het goddelijke kind met haar mantel omhullen. Ze wordt daarom ook genoemd: Bride met de mantel.

De naamdag van de heilige Bride is 1 februari, de eerste dag van de Keltische lente, één dag voor Maria Lichtmis. In de Oosters-Orthodoxe Kerken wordt Brigida ook vereerd en liturgisch herdacht op 1 februari.

Ierse heiligen gaan, net als andere inheemse heiligen, terug op godinnen en goden uit de voorchristelijke periode. In oude, Ierse volksverhalen is Brigid een zonnegodin. Haar attributen en eigenschappen zijn licht, inspiratie, vuur, heling. Ze belichaamt het innerlijk vuur, genezende kracht en inspiratie. Ze was (is) de beschermster van de dichtkunst en de ‘fillibrehct’ wat in de traditie van Ierse barden, een soort priester-dichters zijn. Voor de druïden was zij De Godin.


Geen opmerkingen: