15-12-16

In het voetspoor van Moeder Maria

Als een mens werkelijk interesse toont voor het 'verhaal' van een ander en daar luisterend-vragend op ingaat, is het alsof er een geheimzinnige bron gaat stromen. - Maria, de kunst van het luisteren -


Door met al je aandacht er voor de ander te zijn, door te luisteren naar wat deze zegt en dat in je op te nemen, samen te vatten, vragen erover te stellen en er samen nieuwe inzichten over te vormen – bouw je op een hele nieuwe manier een brug naar de andere mens.  Hooggevoeligheid past in deze tijd. Steiner voorspelde al dat er vanaf het eind van de twintigste eeuw steeds meer mensen ‘over de drempel’ zouden gaan. Wat wil zeggen dat ze meer dingen gaan waarnemen, dat ze gevoeliger worden.

Als je sensitief bent en hooggevoelig en begaafd, dan heb je wat te vertellen, dan heb je een opgave. Maar dan moet je er wel eerst voor zorgen dat je in je kracht komt te staan. De vraag is niet: hoe raakt iemand zijn hooggevoeligheid kwijt, maar hoe zorgen we ervoor dat iemand zijn evenwicht (her)vindt. Die verbinding krijg je in een werkelijk gesprek. In een gesprek met jezelf, maar vooral in het gesprek met een ander mens. De interesse en intense betrokkenheid is de reden waarom je de ander wilt horen of leren kennen of deze de gelegenheid wilt geven zich uit te spreken. Margreet schrijft verder: Vervolgens gebruik je in het gesprek je eigen denken om het denken van de ander te begrijpen. Je gevoel om je in te leven in diens gevoelens en ervaringen. En met je wil tast je af wat die ander eigenlijk wil. Tegelijkertijd omhul je de ander op zo’n wijze, dat hij of zij voelt er helemaal te mogen zijn.

Een ander mens, die in zijn of haar hart ruimte voor je maakt, goede vragen stelt en die werkelijk kan luisteren. Gebeurt dat, dan kun je naar binnen keren, voelen en denken over wat daar leeft en dat uitspreken. Zo leer je niet alleen jezelf kennen, maar daardoor wordt – en dat is het bijzondere – ook je innerlijke geestelijke zelf gewekt. Iets dergelijks beschrijft Hans Stolp in dit artikel over 'het offer van Maria' - van Moeder Maria is immers bekend dat zij alles bewaarde in haar hart....


"Het offer van Maria, de moeder van Jezus"

Moeder Maria: koninklijk was haar wezen en haar uitstraling. Ze was de dochter van vooraanstaande ouders, de hogepriester Joachim en zijn vrouw Anna. Die beide hadden haar, toen ze nog maar drie jaar oud was, afgestaan aan de tempel, waar ze een tempelmaagd werd. Sierlijk, met gratie en met al haar inzet vervulde ze haar taken. Dat leverde haar niet alleen het respect en de liefde van de priesters op, maar ook de liefdevolle eerbied van de pelgrims die jaar in jaar uit de tempel bezochten.
                                                                   
Toen ze ouder werd, zagen de priesters in haar de ideale vrouw voor Jozef, de ongekroonde koning van Israël en een directe nakomeling van koning David. Dus trouwde Maria met Jozef, verliet de tempel en ging in Bethlehem wonen.

Al snel na de geboorte van hun zoon Jesjoe*1 moesten Jozef en Maria naar Egypte vluchten. Koning Herodes, die namens de Romeinse bezetter het land bestuurde, dreigde hun zoon te vermoorden.*2 Jesjoe zou immers een gevaarlijke concurrent kunnen worden voor het koningschap. Na drie jaar, toen Herodes was gestorven, keerden ze terug naar Israël. Ze vestigden zich echter niet in Bethlehem: dat was te dicht bij Jerusalem, te dicht in de buurt van de gehate bezetters en dus vestigden ze zich in Nazareth, in het verre noorden.

Daar ontmoetten ze dat andere gezin, de timmerman Jozef met zijn jonge vrouw Maria en hun zoon Jezus. Al snel ontstond er als vanzelf een diepe vriendschap tussen beide gezinnen.*3
Daar, in het afgelegen Nazareth, stierf na enige tijd de koninklijke Jozef. Maria bleef achter met haar kinderen: Jesjoe, Jacobus en de overige kinderen die na de oudste twee geboren waren. Ook het andere gezin werd door een ingrijpend verlies getroffen: toen Jezus, de oudste zoon van de timmerman twaalf jaar oud was, stierf zijn moeder. Al snel voegden beide gezinnen zich samen: de koninklijke Maria met haar kinderen vormden voortaan één gezin met de timmerman Jozef en zijn zoon Jezus.4 Zo werd de koninklijke Maria pleegmoeder van Jezus. Vanaf die tijd groeide er een intense liefde tussen die twee.


                                                                        leonardo da Vinci - schets


                                                                     
De sterke band met moeder Maria was voor Jezus heel belangrijk. Zijn stiefbroers en zijn vader begrepen vaak niet wat hem innerlijk dreef. Ook zelf wist hij in zijn jonge jaren vaak niet wat het nu eigenlijk was dat hem bezielde. Dat maakte Jezus eenzaam. Ook de mensen om hem heen - waar onder de Essenen die hem in geestelijk opzicht het meest na stonden - konden dikwijls niet begrijpen wat hem dreef. Daardoor werd de eenzaamheid een last die hem dagelijks bedrukte. Naast die eenzaamheid werd ook zijn verdriet in de loop der jaren sterker. Wanneer een mens groeit in wijsheid, ziet hij zoveel meer dan anderen. Maar wat hij dan ziet, maakt hem dikwijls zo intens treurig. De mensen zijn vaak zo verblind en doen elkaar onnodig pijn, zonder dat zij het zelf te beseffen zag Jezus. Ze dwalen als blinden rond, zonder zich bewust te zijn hoe blind ze zijn. Het was vooral dit verdriet dat hij alleen maar kon delen met Maria, omdat zij de enige was die hem begreep.


Meestal las Maria zonder woorden aan hem af, wat er in hem omging. Hij vertelde haar wel van alles maar, dat waren vooral de inzichten die in hem opkwamen. Inzichten die pas na zijn twaalfde jaar, na de reis naar Jerusalem waren begonnen in hem te rijpen.*5 Voor die tijd was hij vooral gericht op de natuur en voelde hij zich geheel en al thuis in het eindeloze spel van licht, lucht en wolken, de wereld van de dieren en de planten.

Maar na zijn twaalfde jaar was het begonnen dat er zomaar gedachten impulsen naar boven waren gekomen, diepe inzichten. Zijn Essense leermeesters hadden wel eens gezegd dat het leek, alsof de ziel van de grote ingewijde Zarathoestra*6 in hem leefde. Zozeer waren de inzichten die in zijn ziel opbloeiden, verwant aan de eeuwenoude wijsheid van Zarathoestra. Steeds wanneer er weer inzichten in hem opkwamen, deelde hij die met moeder Maria. Wat hij echter nog niet kon uitspreken, waren de waarnemingen die hij schouwen mocht, de vele beelden die hij zag als de sluier werd weggenomen. Een innerlijke huivering weerhield hem. Het waren vooral deze beelden en de gevoelens van droefheid die ze in hem teweeg brachten, die hem zo eenzaam maakten.

Zo gingen de jaren voorbij. In al die jaren zag Maria, hoe er in het wezen van haar pleegzoon die ze zo liefhad, een oneindig vermogen tot liefde opbloeide. Ze zag hoe hij een innerlijk begrip ontwikkelde voor ieder mens, hoe deze ook in het leven stond. Ze zag hoe zijn gevoelsleven zich tot een uitzonderlijke fijnzinnigheid ontplooide. Maar tegelijk zag ze ook, hoe de eenzaamheid en de droefheid steeds zwaarder op hem begonnen te drukken. Heel haar hart was om hem bewogen en met al haar geestkrachten zocht ze de innerlijke verbinding met zijn ziel om hem te helpen dragen. Zocht ze een manier om hem verlichting te brengen.

Toen, vlak voor hij 30 jaar werd, opende hij op een dag zomaar heel zijn hart voor haar. Het was alsof er een ban gebroken was en met een stroom van woorden vertelde hij, wat hem belastte en zwaar viel. Allereerst vertelde hij haar, wat hij in Israël had waargenomen en wat hij had gelezen in de harten van de mensen. Dat de geestelijke wereld onbereikbaar was geworden voor hen.*7 En dat de Joden niet meer instaat waren de heilige energieën vanuit die wereld te ervaren en in hun hart op te nemen. "Kijk maar, zei Jezus tegen Maria, wat er gebeurt met de woorden van de oude profeten, die vroeger zo'n heilig ontzag in de in de harten van de mensen hadden opgeroepen. ze worden nu als dorre en levenloze woorden aangehoord. Hun hart is niet meer in staat de heilige geheimen te ervaren die in de woorden van de oude profeten besloten liggen: hun harten zijn verhard geraakt, doordat ze niet meer worden verzacht door de heilige energieën uit de geestelijke wereld. En daardoor zijn ze als schapen die geen herder meer hebben."

Voor Jezus was het schokkend om te zien dat het uitverkoren volk, zijn eigen volk, zijn roeping verloren leek en niet meer wist waartoe het geroepen was. Hoe moest het verder gaan met zijn volk? De toekomst leek uitzichtloos. Toen Maria de woorden van Jezus hoorde, gebeurde er wat met haar. Het was, alsof ze zijn woorden niet alleen hoorde en alsof ze niet alleen maar begreep wat Jezus bedoelde, maar alsof hij met zijn woorden al zijn verdriet in haar hart uitstortte. Even later vertelde Jezus over een ervaring die hij, nu al jaren geleden, had opgedaan en waar hij nooit eerder over had gesproken. Bij die ervaring, had hij een blik gekregen in de harten van de heidenen. Hij had in het buitenland een heiligdom gezien, waar de mensen smeekten om hulp en genezing. Maar er waren geen priesters meer in dat heiligdom en er zwierven alleen nog donkere demonen rond op de vroeger zo heilige plaats. De mensen gaven zich in hun verblinding over aan de demonen en vereerden hen als goden. het raakte Jezus diep toen hij moest aanzien hoe de mensen in al hun wanhoop, zonder het zelf te beseffen in de handen vielen van deze demonische wezens. Ook de toekomst van de heidenen leek uitzichtloos. Hoe moest het nu verder gaan met de mensheid, nu ze geen priesters meer hadden die hen met de goden in verbinding konden brengen? Terwijl Maria met heel haar hart luisterde naar Jezus, was het alsof ze de wanhoop van de mensen aanvoelde; ze voelde hoe haar hart ineen kromp.

Nadat Jezus ook deze smart die al zolang op zijn hart drukte, met Maria had gedeeld, vertelde hij haar over de Essenen. Hij had op een keer gezien hoe Lucifer en Ahriman - de beide donkere machten die in de bijbel duivel en satan worden genoemd - bij de poort van een Esseense nederzetting werden tegengehouden. Ze konden gewoon niet naar binnen gaan, omdat een muur van zuiverheid de nederzetting omringde. De Essenen waren zo vroom en leefden zo zuiver, dat Lucifer en Ahriman geen kans kregen door die onzichtbare muur heen te breken om de Essenen te belagen. Maar wat toen gebeurde. schokte Jezus nog het meest: hij zag dat Lucifer en Ahriman toen 'gewone' mensen opzochten om hen te belagen. De vroomheid van de Essenen ging dus ten koste van 'gewone' mensen, want die moesten nu de aanvallen verduren die eigenlijk waren bedoeld voor de Essenen. Het was, begreep Jezus, dus wel egoïstisch van de Essenen om op deze manier voor het eigen zielenheil te zorgen: dat gaat ten koste van anderen. Hij zei tegen Maria: "De Essenen worden in hun ziel gelukkig ten koste van andere mensen; zij worden gelukkig, omdat zij zelf aan Lucifer en Ahriman ontsnappen." En weer voelde Maria, hoe alle wanhoop van Jezus haar hart binnenstroomde en hoe hij zich daardoor eindelijk kon bevrijden van alle pijn en wanhoop die al zolang leefden in zijn hart.

Toen Jezus dit alles aan Maria had verteld, sprak hij tenslotte zijn diepste verdriet uit. "Er zijn, zei hij, geen goede wegen meer om ons te verbinden met de geestelijke wereld. De mens is de verbinding met zijn thuisland helemaal kwijtgeraakt en lijkt alleen nog maar gedoemd om ten onder te gaan. De Joden hebben hun ware inspiratie vergeten en kunnen deze niet meer bevatten. De heidenen lopen in hun wanhoop rond. En de Essenen zijn alleen maar op het eigen zielenheil gericht. Hoe moet het nu verder gaan met de mensheid? is eer nog een weg die hen opnieuw met de geestelijke wereld kan verbinden en die hen kan redden van de ondergang?" Maria wist geen antwoord op die vraag. Maar dat hoefde ook niet wist ze. Ze hoefde slechts de wanhoop van haar zoon in zich op te nemen en mee te dragen.
                                                  
Doordat ze zo intens luisterde en meedroeg, werd Maria in dat uur tot in het diepst van haar hart geraakt. Al luisterend bracht ze het grootste offer wat gebracht kan worden. Ze voelde zich tijdens dat gesprek volkomen één worden met haar zoon. Daardoor ervoer ze, hoe hij met zijn woorden heel zijn ziel in haar uitstortte. Het was werkelijk zo dat alle pijn en wanhoop van Jezus in dat uur overging in het hart vaan Maria. Jezus bevrijdde zich van een zware last die hem jarenlang had gekweld maar het was Maria die deze last van hem overnam. Door dit offer - want de pijn en smart van een ander écht in je eigen hart opnemen is een offer - werd Marie een ander mens: haar leven veranderde voorgoed. En als zij "Moeder der Smarten" wordt genoemd, "Mater Dolorosa" of, zoals in Vlaanderen "Onze-Lieve-Vrouw van de zeven Weeën," heeft dat alles te maken met het offer dat zij in dit uur bracht. het lijkt, alsof de mensheid onbewust altijd heeft geweten van dit offer van Maria.*8

Na dit gesprek reisde Jezus naar de Jordaan om zich daar door Johannes de Doper te laten dopen. Nu hijzelf had ontledigd en zich innerlijk schoon en bevrijd wist, was hij gereed om bij de doop in de Jordaan de Christus in zich op te nemen en deze tot aardse woonplaats te dienen. Zo was het dit grootse offer van Maria dat de komst van de Christus naar de aarde mogelijk maakte. Want alleen doordat Maria de zwaarte van alles wat Jesus had gezien en doorleefd in haar eigen hart opnam, kon deze als een bevrijd en ontledigd mens de Christus - die ook wel de Zonnegeest wordt genoemd - in zich opnemen. En alleen daardoor, door de incarnatie van de Zonnegeest in Jezus, zou het de mens mogelijk worden een nieuwe weg te ontdekken, een weg die hem weer in verbinding zou brengen met zijn thuisland, de geestelijke wereld. Want, wie de innerlijk Christus in zichzelf aan het licht brengt, kan het niet anders dan op weg gaan naar zijn thuisland. het vergeten, stille offer van Maria, heeft deze weg mogelijk gemaakt.
                                                           



Toen Jezus korte tijd later werd gedoopt in de Jordaan en de Christus zichzelf in hem uitstortte en hem belichaamde, gebeurde er precies op datzelfde moment ook iets bijzonders met Maria. Zij ervoer hoe de andere Maria, de vrouw van de timmerman die al lang geleden was gestorven, haar vanuit de geestelijke wereld naderde, zichzelf met haar verbond en zichzelf in haar uitstortte. Toen werden de twee Maria's één.

De incarnatie van de Christus in Jezus was alleen mogelijk geworden door het offer dat Maria had gebracht. Zo leert zij ons met dit voorbeeld om de weg van het offer te gaan om op die manier, de geboorte van de Christus in ons mogelijk te maken. En is dat niet het ware Kerstfeest: de geboorte van Christus in ons?



*1: Jesjoe is de Hebreeuwse vorm van Jezus. De koninklijke Jozef en zijn vrouw spraken natuurlijk Hebreeuws. De timmerman en zijn vrouw spraken waarschijnlijk Aramees en Grieks dus kreeg hun zoon de Griekse vorm van Jesjoe: Jezus.
*2: De vlucht naar Egypte en de kindermoord in Bethlehem warden beschreven in het Evangelie van Mattheus 2 : 13 - 18.
*3: Zie voor een toelichting op het feit dat Jezus twee moeders had: Maria, de vrouw van de timmerman en zijn pleegmoeder Maria, de vrouw van de ongekroonde koning van Israël, Jozef, mijn boek: "Het geheim van de twee Jezuskinderen." Het werd in 2010 uitgegeven door Uitgeverij Ankh hermes.
*4: Waarschijnlijk gebuerde dat op advies van de Essenen, in wier midden zij leefden. Nazareth was immers een kleine Esseense nederzetting.
*5: Zie over de reis naar Jeruzalem het verhaal van de twaalfjarige Jezus in de tempel in het Evengelie van Lukas 2 : 40 - 52.
*6: Zarathoestra leefde omstreeks 5000 v. Chr. en was de grote ingewijde uit de Perzische cultuur periode.
*7: Omstreeks 3000 v. Chr. was het Kali Yuga begonnen, het IJzeren Tijdperk. In dat tijdperk werd het gordijn gesloten en raakten de mensen afgesneden van de geestelijke wereld. Jezus neemt in zijn tijd waar, hoezeer de mensen daardoor alle conctact met de geestelijke wereld hadden verloren. En het ergste was, dat ze zich niet eens bewust waren.
*8: Voor een verdere toelichting op dit gesprek tussen Maria en Jezus, zie Rudolf Steiner, Bijzonderheden over het leven van Jezus, Uit het 
'Vijfde Evangelie,' Uitgeverij Vrij geestesleven, 3e druk 1998, blz. 88 en volgende.

Bron: Hans Stolp en Margreet van den Brink
"De Verwachting" kwartaalblad van Stichting de Heraut
          nr. 69 jaargang 18 - december 2013/februari 2014
   

Geen opmerkingen: