06-04-15

dochter van Wijsheid

Helena Petrovna Blavatsky werd op 12 augustus 1831 in Dnjepropetrovsk in Rusland (nu Oekraïne) geboren;
ze was de dochter van kolonel Peter Alexejevitsj von Hahn en de romanschrijfster Helena Andrejevna De Fadjejev. In 1849 trouwde ze met N.V. Blavatsky, en kort daarna begon ze aan een periode van meer dan 20 jaar van reizen over de hele wereld; op zoek naar wijsheid en kennis kwam ze in contact met veel religieuze/mystieke tradities en ontmoette ze haar oosterse leermeesters. Bij haar activiteiten, haar reizen en haar schrijven werd zij rechtstreeks geïnspireerd door de Mahatma's uit het Oosten, op telepathische wijze dus. Astrologisch heeft Blavatsky Mercurius, de planeet voor schrijven, naast Saturnus, de planeet voor ‘karma’ staan in haar horoscoop, en iedereen met zo'n stand in de horoscoop moet leren zich minder aan te trekken van wat anderen zeggen, en geheel en al de stem van de innerlijke autoriteit, het geweten, en de innerlijke meester te volgen. Welnu, dat is precies wat Blavatsky deed. Alice Bailey was een belangrijke opvolgster van Madame Blavatsky in die Theosofische Beweging, die een hele reeks boeken geïnspireerd door diezelfde Meesters uit de Transhimalaya schreef en ook het werk van Dane Rudhyar is geïnspireerd door de Theosofie. Zij zijn, in mijn eigen, belangrijke namen in wat nu wel de new-age wordt genoemd een term die verwijst naar het op oosterse wijze beïnvloeden van je werkelijkheid.

Annine van der Meer noemt Mevrouw Blavatsky, dochter van Wijsheid

Wie is H.P. Blavatsky gezien door de ogen van Annine van der Meer die het samenbrengt met de ontwikkelingsfasen in het menselijk bewustzijn.


                                       


Net zoals het Rode Kruis is belichaamd in een beschermend teken en vlag, zo wijst het Roerich-pact ook een symbool aan en door Nicholas Roerich (1874-1947)verder gebracht oa op bovenstaande afbeelding van de Madonna Oriflamma. Het symbool kom je nog steeds tegen, wellicht vaker bij theosofen of mensen die zich laten inspireren door het werk van mevrouw Blavatsky.

Het symbool Banner of Peace genoemd,  heeft een oude oorsprong. Misschien verschijnt zijn vroegst bekende voorbeeld op amuletten uit het stenen tijdperk: drie punten, zonder de omringende cirkel. Roerich kwam talloze latere voorbeelden tegen in verschillende delen van de wereld en wist dat het een diepgaand en verfijnd begrip vertegenwoordigde van de drie-enige aard van het bestaan. Maar voor de doeleinden van de banier en het pact omschreef Roerich de cirkel als de totaliteit van de cultuur, met de drie stippen kunst, wetenschap en religie, drie van de meest omvattende van menselijke culturele activiteiten. Hij beschreef de cirkel ook als de eeuwigheid van tijd die het verleden, het heden en de toekomst omvatte.

De heilige oorsprong van het symbool, als een illustratie van de triniteiten die fundamenteel zijn voor alle religies, blijft tegenwoordig centraal staan ​​in de betekenis van het pact en de banier.

Het Roerich-pact werd voor het eerst goedgekeurd door eenentwintig Noord-Amerikaanse landen en ondertekend als een verdrag in het Witte Huis, in aanwezigheid van president Franklin Delano Roosevelt, op 15 april 1935 door alle leden van de Pan-American Union. . Het werd later ook door andere landen ondertekend.
               
Het embleem van de Theosofische Vereniging door Annine van der Meer uitgewerkt: 

De loge Rotterdam. Ik ben gevraagd om op dinsdag 5 februari 2013 een openbare lezing te verzorgen voor de Theosofische loge te Rotterdam. Op het scherm staat aan het begin en aan het eind van de lezing als een soort alpha en omega het embleem van de Theosofische Vereniging. Vanuit een grote foto in een zware lijst hoog aan de muur kijkt mevrouw Blavatsky (1831-1891) onderzoekend op ons neer. In een stille hoek brandt een kaars...
Het embleem van de Theosofische Vereniging. Ik begin te vertellen dat het embleem staat voor het Eeuwige dat transcendent is en boven de schepping staat, terwijl het ook immanent en inwonend is in elke geschapen vorm. 

                                               


Binnen het veld van manifestatie, de ronde cirkel van de slang die in de staart bijt, zijn er de twee dooreengevlochten driehoeken van geest en stof. De donkere naar beneden voor de indaling van de geest in de stof en de lichte naar boven voor het opstijgen vanuit de stof tot geest.
In de driehoek komen de drie aangezichten van het Eeuwige samen: God de Vader, God de Moeder en God de Zoon/Dochter. India kent Brahma, Vishnu en Shiva en hun wederzijdse shakti’s. Het oude Egypte kent Isis, Osiris en Horus. In talloze oude ‘culturen in balans’ kent men mannelijke en vrouwelijke ordes van ingewijden, die samenwerken om tot inzicht in het hoe en waarom van de schepping, kortom tot Wijsheid te komen.

Over de twee driehoeken in het embleem. Wat die onderste witte driehoek en het transcenderen in de geest betreft: sommige mensen menen dat zij de geest moeten ‘bevrijden’ van de stof. Zij denken dat het nodig is te onthechten aan alles wat de aarde voor schoons biedt. Maar de praktische Wijsheid leert iets anders. Willen mensen groeien in geest, dan moeten zij juist aarden, want anders ontaardt hun poging te vergeestelijken in verdord intellectualisme en verstard rationalisme; in de frustratie van diegene die altijd blijft zoeken maar nooit zal vinden; in de zwever die niets concreets in de stof neerzet...

Balans en eenheid vinden door te aarden. Dus doe ik direct aan het begin van de lezing een balansoefening die de twee driehoeken in balans en vervolgens tot eenheid brengt. Door de aandacht naar buik en voeten te brengen ga je resoneren met de aarde, trek je de aarde energie als het ware omhoog waardoor de lichtenergie vanuit de kosmos via de kruin kan indalen. Nu heeft het vrouwelijk principe een vat of graal gevormd waarin het mannelijk principe van licht en energie vorm kan krijgen. Vanuit deze tweeheid in balans ontstaat er een veld van eenheid.

Het vrouwelijke is praktisch. Ik vraag de aanwezigen zich in dit veld met elkaar te verbinden en het woord AAAOOOMMM te zingen. Ik hoor mezelf zeggen dat dit veld van eenheid ons samen door de avond zal dragen. Dat je niets hebt aan filosoferen over het vrouwelijk principe als je het ook niet in de praktijk voelt en ervaart en dat de balans tussen het kosmische moeder- en vaderprincipe binnen je eigen energiesysteem de sleutel tot eenheid is. De dames in het gezelschap beginnen me toe te lachen: zo’n praktische oefening direct al aan het begin van de avond hadden ze niet verwacht. Maar het valt wel in goede aarde: want als het vrouwelijke iets is dan is het praktisch en direct toepasbaar in het gewone leven.... en dat wordt door de aanwezigen herkend en gewaardeerd.

Fasen in de ontwikkeling van bewustzijn. Tijdens de lezing geef ik een kort overzicht van de ontwikkelingsfasen van het menselijk bewustzijn. 

1. Het gelukkige begin. In de menselijke geschiedenis is er naar  mijn mening een eerste fase van eenheid en overvloed geweest is, het paradijs. Deze zou in de periode voor 10.000 v. Chr. gesitueerd kunnen worden.

2. De kindsheid. Daarna kiest de mensheid voor een diepere incarnatie in de stof. Men verlaat de gelukzalige eenheidsfase en komt terecht in de wereld van dualiteiten zoals vrouwelijk en mannelijk. In deze fase van bewustzijn is er het godsbeeld van de Grote Moeder die de mensheid als
haar kind bij de hand neemt en leidt. Overwegende vrouwelijke kunst uit Oude en Nieuwe Steentijd vormt het bewijs voor het feit dat deze periode veel vrouwelijke ingewijden kende, dochters van de Moeder. Sedes Sapientiae

3. Vrouwelijke ingewijden. Voormoeders uitgebeeld in kleine ‘venusbeeldjes’ zijn in deze tijd belangrijk omdat zij na de dood hun familie en clan beschermen en leiden. De voormoederbeeldjes dienen als huis voor hun zielen en worden (tot op de dag van vandaag bij Siberische stammen) bij het haardvuur bewaard. De aardse nazaten houden contact met de voormoeders over de dood heen. Zij maken sjamanistische reizen door de sferen heen. De eerste sjamanen zijn vrouwen, energiewerkers, grote ingewijden die sterk van geest zijn en dan wellicht minder diep in de stof geïncarneerd zijn. Daardoor kunnen ze makkelijk uittreden en schouwen in de geestelijke werelden. Daar zien en begrijpen ze hoe de kosmos in elkaar zit; ze zien de eenheid en samenhang der dingen.

4. De pubertijd. Na deze fase gaat de mensheid puberen. In het godsbeeld ontwikkelt zich nu de vaderfiguur, die de mensheid wetten voorschrijft en grenzen vastlegt en paal en perk stelt aan het puberend gedrag. Maar de puber wil het huis verlaten, zelfstandig op eigen benen staan en een eigen weg gaan. Nu ontwikkelen zich een materialistisch wereldbeeld waarin voor geest, ziel en onzichtbare energieën uit andere dimensies geen plaats meer is.

5. De volwassenheid. In de 21e eeuw breekt voor de mensheid de periode van volwassenheid aan. Het is de tijd van het herinneren van oude vermogens waarmee men ooit verbinding hield met multidimensionale onzichtbare werelden. waarin men met klank genas en grote werken verrichtte. Het is de tijd voor het herinneren van de Moeder omdat zij de verbinding verzorgt met de geestelijke werelden. Zij spreekt tot de ziel en zal de mens eraan herinneren wie de mens werkelijk is en over welke onvermoede kosmische vermogens de mens beschikt. 
                                       

Er zijn mensen geweest die in de 19e eeuw aan het begin stonden van het ontsluieringsproces van de grote Moeder. Een van hen was mevrouw Blavatsky.

Mevrouw Blavatsky en de Eeuwige Moeder. Mevrouw Blavatsky geeft aan het begin van de Geheime Leer in de Stanza’s van Dzyan nieuwe namen aan de oer-tweeheid- en drieheid die in iedere cultuur weer andere namen krijgt. In Sloka een van Stanza een begint zij met de Eeuwige Moeder (1.1). Iets verder spreekt zij over de Vader en de Moeder en de Zoon die één waren voordat er een nieuw wiel ging draaien (1.5). In Stanza drie zwelt de Moeder -na de laatste trilling- op en zet zich van binnen naar buiten uit (3.1).

Mevrouw Blavatsky en de Moeder-Vader. In diverse Stanza’s spreekt zij van Vader-Moeder (2.6; 3.10). Dit doet zij in haar tijd lang voordat in 1945 een bibliotheek van oud-christelijke teksten bij Nag Hammadi wordt teruggevonden; hierin wordt die twee-ene godheid aangesproken als ‘Moeder-Vader’ en ‘Vader-Moeder’ (zie mijn boek Van Sophia tot Maria 311, 331, 333). Mevrouw Blavatsky is in de waardering van de gnostisch-christelijke Nag Hammadi teksten, waarin Wijsheid hetzij als Eerste Beginsel, hetzij als Tweede Beginsel en complement van het mannelijke Eerste Beginsel, haar tijd ver vooruit.

Het vrouwelijk aspect van de godheid raakt verloren. Waarom is dit zo nieuw in haar tijd? Vanaf het begraven van de Nag Hammadi bibliotheek in 367 is het verbieden van het gelijkwaardige moederaspect van de godheid en het onderdrukken van het vrouwelijke en de vrouw wereldwijd in kerk en staat usance geworden. Mevrouw Blavatsky plaatst in haar tijd de Eeuwige Moeder opnieuw op de landkaart van het bewustzijn van de westerse wereld. En daarom is Mevrouw Blavatsky is een dochter van Wijsheid.

Bronnen van Wijsheid. Het is de vraag is waar zij deze Wijsheid vandaan haalt. Natuurlijk is zij hiertoe van hogerhand geïnspireerd. Toch zijn er -zoals ik al eerder op het najaarsweekend de Eeuwige Moeder in oktober 2011 meldde- ook culturele achtergronden in haar eigen leven, die haar betrokkenheid bij de goddelijke Wijsheid nader kunnen verklaren.

India: Tijdens haar verblijf in India moet Mevrouw Blavatsky in rechtstreeks contact gekomen zijn met een levende verering voor de Moeder in India. Volksreligies in India zijn een schatkamer voor nog steeds levende tradities uit een voor-Vedische oercultuur. Recentelijk zijn er aan de oostkust van India reliefs opgegraven uit deze culturen, zo bericht de India Times van 20 november 2012 (zie www.academiepansophia.nl onder verslagen). Kustgebieden zijn bij het stijgen van de zeespiegel geleidelijk aan door de zee verzwolgen en in zee verzonken.

De Amma’s. Vele dorpen in India kennen dorpsgodinnen. Oudere clanmoeders werden toen verschillende clans in dorpen gingen samenwonen, vergoddelijkt. Daarom kennen de ontelbare dorpen in India ieder diverse ‘dorpsgodinnen’. Ze worden Amma’s genoemd. De grote heilige Sri Aurobino had een geestelijke relatie met ‘the Mother’. Vandaag de dag kent India de wereldberoemde hug-Amma die op dit moment als levend toonbeeld van moederliefde, 31 miljoen mensen heeft omhelsd. Mensen in nood worden door haar organisatie ‘Embrace the World’ daadwerkelijk ondersteund: na een ramp ontvangen de vrouwen een naaimachines en de mannen een boot. Huizen worden hersteld of nieuw gebouwd. Kinderen die hun ouders verloren, worden liefdevol opgevangen in weeshuizen. Onlangs riep deze Amma, afkomstig uit de in Oost-India aan de kust gelegen deelstaat Kerala, vrouwen wereldwijd op te staan tegen de haat van mannen uit een hogere kasten die hen misbruiken als willoze prooi. Onrecht komt in de openbaarheid: de Moeder ontsluiert zich en werkt in de wereld door via sterke op aarde geïncarneerde dochters of Amma’s, de moeders van het volk. Het is duidelijk dat mevrouw Blavatsky tijdens haar verblijf in India gevoed werd uit deze oercultuur.

Maar er is nog iets. We moeten nog verder teruggaan tot in kinderjaren en pubertijd willen we de vroegste culturele invloed begrijpen die haar van kindsbeen af vormde: Rusland.

Rusland en de Moeder Aarde. Liefde voor de Moedertje Rusland en Moeder Aarde, moet de kleine Helena Petrovna in het Rusland van haar tijd met de paplepel zijn ingegoten. In Rusland is er tot op de dag van vandaag een verering voor de sacraliteit van Moeder Aarde. Vele Russen hebben een kleine datsja of buitenhuisje met volkstuin, verblijven hier in de zomer en verbouwen hun eigen groente en fruit. 
                                                   

Wanneer je vandaag de dag in de Russische Federatie over een markt loopt, zie je de houten producten van winterse huisvlijt in lange rijen in het gelid staan. Het zijn de dikbuikige moederfiguren of Matreoska’s die in hun ronde buik iedere keer weer een kleiner ‘moedertje’ dragen; sommige series bevatten wel 20 beschilderde houten moedertjes. Vanwege die eindeloze herhaling staan de moedertjes in post-communistisch Rusland symbool voor de eeuwigheid. Naast al die aardse moedertjes kent christelijk Rusland ook een hemelse Moeder. Haar naam is Sophia of Wijsheid.

Rusland en Sophia of de goddelijke Wijsheid
. Het kwam al eerder aan de orde: Mevrouw Blavatsky had iets met de goddelijke Wijsheid of TheoSofia. Sophia had voor mevrouw Blavatsky drie aspecten: goddelijke kennis en de aardse kunde. En als derde het onderscheidingsvermogen om waarheid van onwaarheid te onderscheiden. 
                                                        

Als kind moet zij in Rusland met Sophia in contact zijn gekomen. In navolging van de Hagia Sophia in Constantinopel, gebouwd naar de maten van de tempel van koning Salomo, werden in Rusland vanaf de bekering van dat land na 998 vele kerken gebouwd gewijd aan de heilige Wijsheid: in Moskou, Kiev en Novgorod. In de ronde koepel of apsis van de kerken werd Sophia/Maria als Moeder van Christus grootscheeps afgebeeld.

Daarnaast kreeg Wijsheid in Rusland aandacht in de iconografie; er verschenen Sophia-iconen in soorten en maten. In de liturgie werd zij bezongen in tal van hymnes en in de filosofie en theologie werd zij beschreven in ingewikkelde

kosmologieën. Ja, christelijk Rusland ontwikkelde een Sophiologie die het onderwerp van gesprek is op wetenschappelijke congressen, zoals dat in Nijmegen in juni 2007. De liefde van 19e eeuws Rusland voor Wijsheid moet het jonge kind en meisje iets gedaan hebben. Dit roept de vraag op waar de figuur van Wijsheid in het oosters-orthodox christendom vandaag komt.

Waar de Russische Wijsheid vandaan komt. In wezen heeft het oosters orthodoxe christendom niets meer of minder dan een oudchristelijke Sophia-traditie in zich opgenomen en aan volgende generaties overgedragen. Naast een scheppende God de Vader kent deze traditie ook een medescheppende God de Moeder. Die christelijke God de Moeder komt voor uit de veel oudere Hebreeuwse traditie. In Oud-Israël heet zij El Shaddai of te wel God met de borsten; andere namen voor haar zijn Ashera, Qudshu, Ruach en Chokma of Wijsheid.

De Hebreeuwse Wijsheid. In de tijd van de Hebreeuwse aartsvaders en het Verenigd Koningrijk van koning David en Salomo en de latere splitsing in een Noord- en een Zuidrijk, is zij in Oud-Israël prominent naast de Vader aanwezig in de oud-oosters pantheon der goden. Zij werd vlak voor val van Jeruzalem en de verwoesting van de Eerste Tempel in 589 v. Chr. uit de tempel te Jeruzalem verdreven. Het volk en de elite moesten van de overheersers mee op ballingschap naar Babylonië. Een wettische en puriteinse groep -het hervormde Judaïsme- kwam na 50 jaar ballingschap terug en verbood in Judea de beeldverering én de verering van de Moeder. Ook zette men zich in de school van de Deuteronomist aan het corrigeren en herschrijven van de teksten. De Moeder en haar Zoon en hun beider mysterietraditie en rituelen werden op honderden plaatsen uit de teksten weggeschreven. Op 6 juli 2013 zal een specialiste op dit gebied, Dr. Margaret Barker, hierover in het Internationaal Theosofisch Centrum een diverse lezingen geven. Het is een unieke kans u op de hoogte te stellen van nieuwe ontwikkelingen in theologie en mystiek.

Van Sophia naar Maria. Echter: de oudere Hebreeuwse traditie met het oudere vrouw-mannelijk godsbeeld werd door de ballingen en vluchtelingen die Judea verlieten, meegenomen in de diaspora. Ze trokken o.a. massaal naar Egypte. In de diaspora werd de functie van de Hebreeuwse Wijsheid, toen het christendom eenmaal doordrong in de joodse milieu’s, overgenomen door Maria.

Die eerste joodse en hellenistische christenen zagen Maria niet als aardse moeder van de mens Jezus maar als Almoeder die de Zoon gebaard had, in de christelijke traditie ‘de Christus’ genaamd. Christus als Eerstgeborene van het eerste kosmische mannelijke en vrouwelijke oerpaar. En dat ontzag voor Sophia en Maria als de Moeder Gods en Moeder van de Zoon werkt tot op de dag van vandaag door in postcommunistisch Rusland. En buiten de Russisch-orthodoxe kerk is er ook nog de Grieks-orthodoxe kerk met de grote verering voor Maria als Panagia of Alheilige. Asjera van Israël

Een tegengeluid. Op dit moment van de avond uiten twee van de toehoorders hun ongenoegen over iets wat hun kennelijk al langer dwars zit. Mijn relaas is hun niet theosofisch genoeg. Het gaat hun in de theosofische loge te vaak over het Christendom en te weinig over theosofie. Ik benadruk dat de driehoek met de drie aangezichten van het eeuwige in allerlei culturen eigen namen krijgen en dat het een universeel gegeven is. Kijk maar naar Egypte met Isis, Osiris en Horus en naar India. Christus is dus een christelijke naam voor het universele kosmische Kind van het mannelijke en vrouwelijke oerpaar dat overal weer andere namen krijgt. Iemand anders vult aan dat alles uit één bron komt en dat het bij theosofie uiteindelijk over die onderliggende eenheid gaat.


Ik ben dankbaar dat het Eeuwig Vrouwelijke zich opnieuw van haar taak gekweten heeft: namelijk mensen en hun energieën verbinden, bij elkaar brengen en de eenheid laten ervaren. Aan de vruchten herken je de (levens)boom.

Dr. Annine van der Meer, voorzitter Academie PanSophia.
De conferentie ‘Het Eeuwig Vrouwelijke’ te Naarden
Een lezing over Wijsheid en de Wijsheidstraditie in de loge van de Theosofische Verenging te Rotterdam door Annine van der Meer over de ontwikkelingsfasen in het menselijk bewustzijn

Geen opmerkingen: