20-05-2010

De vierdeling universele archetypen van C.G.Jung

Tot op de dag van vandaag wordt de indeling in typen van de Zwitserse psychiater C.G. Jung gebruikt om een beter inzicht te krijgen in de verschillende manieren waarop mensen de wereld bekijken en erop reageren vanuit een introverte of extraverte instelling van het bewustzijn.


Persoonlijkheidstypen:

Neem je waar wat er zintuiglijk gesproken is (gewaarworden)
neem je de gevoelswaarde waar (voelen)
begrijp je het? (denken)
neem je de mogelijkheden ervan waar (intuïtie)

Het oriënteren op de wereld om je heen is een zó vanzelfsprekende eerste reactie, dat je deze eigen manier van kijken zelf vaak helemaal niet in de gaten hebt. Belangrijk is dat de bewustzijnsfuncties (introvert-extravert) ons iets vertellen over onze manieren van kijken naar de wereld en de wijze waarop we de verschijnselen daarin ordenen, terwijl de instellingstypen ons vertellen of we bij onze manier van kijken de buitenwereld of onze binnenwereld van doorslaggevend belang vinden.


Het persoonlijkheidstype heeft geen betrekking op de individualiteit of het bereikte ontwikkelingsstadium, maar is een classificatie van de cognitieve oriëntatie van de persoon. Deze kenmerken geven aan wat waarschijnlijk als belangrijk in een situatie herkend wordt, wat het voor iemand betekent en welke strategie gebruikt wordt om er mee om te gaan.

Het persoonlijkheidsmodel van Jung levert een logische basis om op grond van voorkeur voor bepaalde mentale processen mensen in te delen. Het gaat Jung hierbij uitsluitend om de Ego-positie en niet om biologische of aangeboren componenten van de persoonlijkheid of patronen van het immateriële Zelf. Elke functie speelt een verschillende rol in de persoonlijkheid, deze aspecten vertellen wat de basis vormt voor het menselijke gedrag.

Jung beperkte zich tot vier psychische functies, welke tijdens het leven verder ontwikkeld of gedifferentieerd moeten worden. Zijn model concentreert zich vooral op de dominante functie en gaat uit van de ontwikkeling van de overige functies in een tegengestelde gedragshouding, ter compensatie van de dominante functie. Jung heeft ontdekt dat alle types, zowel introverte en extraverte aspecten hebben. Er is altijd sprake van dualiteit in de persoonlijkheid, want mensen hebben een onderscheiden publieke en privé persona.

                                     

Het is dus niet juist om uitsluitend over Introverte en Extraverte types te spreken, alsof elk type niet beide kanten heeft. Extraverte typen investeren meer in de buitenwereld, waar de culturele kennis bewaard en gewaardeerd wordt. Het introverte type richt zich meer op de psychologische wereld, waar de archetypische menselijke kennis aanwezig is.

Beide houdingen sluiten elkaar uit, maar kunnen wel afwisselend overheersen.

Een gedragshouding is vaak relatief in te delen. Meestal is de houding in het bewustzijn tegengesteld aan de houding in het onbewuste als compensatie. De onbewuste houding is vaak minder ‘geremd’.
Mensen die introvert zijn hebben de neiging hun hulpfunctie naar buiten toe te tonen, omdat de dominante functie intern gebruikt wordt. Wat dus waargenomen wordt is dus niet altijd de belangrijkste functie.

Jungs persoonlijkheidstypes zijn niet gebaseerd op waarneembare kenmerken en gedrag.
De structuur van het type is verborgen achter de verzameling van eigenschappen en gedragingen en kan aan de hand hiervan afgeleid worden.
De vierdeling van de universele archetypen in de mens, Vuur Water, Lucht en Aarde worden door C.G.Jung vertaalt naar de Intuïtie, Gevoel, Denken en Gewaarworden functies. 

Dit betreft geen energetische indeling of de hiërarchische indeling van Geest, Intellect, Emotie en Lichaam, maar de vier verschillende cognitieve ego-oriëntaties.




De overwegende functie in het bewustzijn is volgens Jung van invloed op de karakterstructuur. Wanneer ‘denken’ de hoofdfunctie is, is het ‘voelen’ de minst bewuste functie en omgekeerd. Dit geldt ook voor de andere tegengestelde functies ‘gewaarworden’ versus ‘intuïtie’. Een mens heeft een superieure cognitieve functie, waar de voorkeur aan gegeven wordt en het best ontwikkeld is. Er is een secundaire functie, welke bewust is en gebruikt wordt ter ondersteuning van de superieure functie. De tertiaire functie is iets minder ontwikkeld en nauwelijks bewust. De inferieure functie is nauwelijks ontwikkeld en zodanig onbewust, dat het bestaan wordt ontkend.

Deze functie is de poort naar het persoonlijke en collectieve onbewuste en is voor het bepalen van het constitutie middel van hoogste waarde. Introspectie is de manier om de verdrongen functie te leren kennen. De inferieure, of verdrongen functie werkt in het onbewuste, deze kan fascineren en overvallen, maar staat los van het bewustzijn. De schaduwfiguur bezit hem vaak, maar ook de animus of anima.De overheersende functie is niet het gevolg van een aangeboren dispositie, maar het gevolg van de wil. Hierbij kan men de aangeboren tendensen negeren, omdat men in een gegeven situatie andere keuzes waardevoller kan vinden dan onmiddellijk comfort en plezier.

Het temperament is gekoppeld aan de dominante functie. Meestal zijn één of twee functies ontwikkeld, maar het uiteindelijke doel zou moeten zijn dat alle vier ontwikkeld worden.
Extremen in deze persoonlijkheidstypen kunnen zich voordoen indien het bewuste deel overontwikkeld is en de onbewuste tegenpool onderontwikkeld. Meestal zullen alle functies en houdingen ontwikkeld zijn, maar de ene sterker dan de andere. Een hulpfunctie is daarbij nooit in strijd met de hoofdfunctie.
                                       

Dat deel dat onbewust is, kan niet geïndividueerd worden en blijft dus in een primitief stadium. Pathologische beelden kunnen tevens ontstaan als gevolg van een sterke verdringing.
De Myer-Briggs en Socionics typologieën zijn variaties op het psychologische model van Jung. Deze indelingen benadrukken als toevoeging op Jung ook het belang van de secundaire functie. Deze definiëren de combinaties van de 4 psychologische functiehoudingen E/I, S/N, T/F, J/P, en stellen van daaruit 16 persoonlijkheidstypen samen. De psychische motivatie hoort hier niet bij, dit in tegenstelling met het typenmodel van Jung dat de innerlijke mentale processen beschrijft.
Harold Grant heeft onderzoek gedaan naar de ontwikkeling van de functie-houdingen, waaruit is gebleken dat de dominante functie zich gemiddeld ontwikkelt op de leeftijd van 6 tot 12, de secundaire van 12 tot 21, de tertiaire van 21 tot 35 en de inferieure functie van 35 tot 50 jaar.
Hierbij blijkt een duidelijk patroon te bestaan; de secundaire en de inferieure functie ontwikkelen zich in tegengestelde houding ten opzichte van de dominante functie, terwijl de tertiaire functie zich in dezelfde houding ontwikkelt.

Wanneer de dominante functie geaccepteerd is en goed begrepen wordt, zal uiteindelijk de inferieure functie ontwikkeld worden. De ontwikkeling van deze tegengestelde functie vereist de erkenning dat de ontwikkeling nog niet compleet is. Om deze reden is de ontwikkeling en integratie van deze functie moeilijk en wordt vaak verwaarloosd.

Psychologische typen:

1. Houdingen: Extraversie/ Introversie.
Objectief: gericht op de buitenwereld.
Subjectief: innerlijke besloten wereld, niet rechtstreeks toegankelijk voor het bewustzijn.
Extraversie: De psychische energie wordt gericht op de objectieve buitenwereld, zoals mensen, activiteiten uit de omgeving. De extravert is op de buitenwereld gericht en past zich gemakkelijk aan, ook legt hij gemakkelijk contacten en redt zich beter in een nieuwe situatie. De extravert is vaak avontuurlijk ingesteld. Anderzijds kan hij zich wel eens ondoordacht in een avontuur storten en zich te weinig afvragen wat iets wezenlijk voor hem betekent.
Hij reageert op en leert van zijn ervaringen met de buitenwereld, is objectgericht.
Introversie: De psychische energie wordt gericht op subjectieve psychische structuren en processen. De gerichtheid op de eigen binnenwereld maakt dat men gemotiveerd wordt door innerlijke overwegingen en subjectieve zaken.
De uitgesproken introvert is vaak teruggetrokken op zichzelf, maakt een aarzelende indruk en is defensief ingesteld. Hij kan daardoor de indruk maken ‘saai’ te zijn.
In kleine kring en in de vertrouwde omgeving komt hij het best tot zijn recht. Hij houdt niet van veranderingen. Anderzijds kan in zijn kleurrijke binnenwereld van alles aan de hand zijn.
Hij leert dan ook voornamelijk van de eigen bespiegelingen en overwegingen, wordt in zijn gedrag voornamelijk door subjectieve factoren geleid.

2. Functies:
Intuïtie - Ervaringsfunctie, die optreedt zonder tussenkomst van het denken. De prikkel is onduidelijk. Deze functie is irrationeel, dat wil hier zeggen buiten het terrein van de logica. Dit is niet hetzelfde als onlogisch, het stoelt vaak op empirie. De rationele functies zijn meer oordelend. .Intuïtie is een proces van steeds bewust worden van abstracte gegevens, zoals symbolen, conceptuele patronen en betekenissen. Het is een instinctief ‘weten’ wat iets betekent, hoe het betrekking heeft op iets anders, of wat er kan gebeuren. Het laat tevens weten wat we met iets kunnen, welke mogelijkheden het in zich draagt. Dit wordt ook wel het ’zesde zintuig’ voor verborgen mogelijkheden genoemd. .Soms ontstaat dit proces door een externe gebeurtenis, of lijkt deze abstracte informatie zich direct te presenteren in het bewustzijn. Intuïtie berust op een innerlijke waarneming vanuit het onbewuste. Het geeft vooral een beweging aan en legt verbanden. Iemand bij wie intuïtie de primaire functie is, is veel bezig met toekomstplannen en mogelijkheden. Hij heeft een levendige fantasie.Een valkuil hierbij is dat hij met te veel dingen tegelijk bezig is en niets afmaakt.

Voelen - Evaluerende functie, waarbij een denkbeeld wordt verworpen of aanvaard naar gelang dit denkbeeld prettige of onprettige gevoelens oproept.
Voelen is een proces van het maken van evaluatie, op basis van hoe belangrijk iets voor ons is, waarbij de persoonlijke, interpersoonlijke of universele waarden als richtlijn dienen.
Hier wordt onder voelen verstaan, het geven van een subjectief oordeel, een waardeoordeel; een subjectieve evaluatie van wat iets voor ons betekent.

Dit is een rationeel aspect en in deze zin kan voelen een koude aangelegenheid zijn. Voelen moet vooral niet verward worden met emotionaliteit (affectie). Iemand die voelen als primaire functie heeft komt tot een keuze op strikt persoonlijke, subjectieve grond. Er wordt rekening gehouden met allerlei persoonlijke en sociale omstandigheden, veel waarde gehecht aan intimiteit, goede harmonie en sfeer.

Denken - Intellectuele functie, het verband leggen tussen verschillende denkbeelden, met het doel tot een algemeen begrip of tot oplossing van een probleem te komen.
Denken is een proces van evaluatie en het maken van beslissingen op basis van objectieve criteria. Met het denken bedoelen we hier het toepassen van kennis. Met behulp van dit proces kunnen we ons losmaken van onze waarden en gericht zijn op het nemen beslissingen op basis van principes. Het onderscheid op basis van criteria of objectief bepaalde normen, analyse op basis van beginselen, logica, en oorzaakgevolg redenering zijn allemaal voorbeelden van het gebruik van het cognitieve denkproces.
Het leert ons wat iets is, deze functie is rationeel, oordelend.
Wanneer iemand van het denktype tot een keuze moet komen probeert hij objectieve, onpersoonlijke maatstaven te hanteren. Hij is principieel, heeft vaak politieke interesse en kijkt naar criteria en wetten en is goed in het analyseren van een situatie.

Gewaarworden - Zintuiglijke functie met alle bewuste ervaringen, die het gevolg zijn van informatie van de zintuigen en het lichaam, waarbij de prikkel direct herkenbaar is.
Gewaarworden is een proces van steeds bewust zijn van zintuiglijke informatie.
Vaak gaat het reageren op deze zintuiglijke waarneming zonder enige beslissing of evaluatie hiervan. Zintuiglijke informatie is concreet en tastbaar van aard.
Door onze zintuigen weten we dat iets bestaat. Deze functie is irrationeel, bij het gewaarwordingsproces ligt de nadruk op de werkelijke ervaring, de actuele feiten en de gegevens. Als een actief gewaarwordingsproces is het meer dan de stimulatie van de vijf zintuigen. Het is de waarneming van de prikkel en actief betrokken worden op de concrete realiteit van een situatie of een actieve reflectie naar herinneringen van bekende ervaringen. Iemand waarbij dit de primaire functie is, ziet zichzelf als een realist, hij leeft in het hier en nu. Belangrijk zijn voor hem ervaring en geschiedkundige feiten. Hij is goed in het aanbrengen van ordening, een ‘no-nonsense’ type.

Uit de combinatie van houdingen en functies ontstaat een model van acht persoonlijkheidstypen:
1. Extravert Intuïtie (MBTI type: ENFP, ENTP)
2. Introverte Intuïtie (MBTI type: INFJ, INTJ)
3. Extravert Voelen (MBTI type: ESFJ, ENFJ)
4. Introvert Voelen (MBTI type: INFP, ISFP)
5. Extravert Denken (MBTI type: ESTJ, ENTJ)
6. Introvert Denken (MBTI type: ISTP, INTP)
7. Extravert Gewaarworden (MBTI type: ESFP, ESTP)
8. Introvert Gewaarworden (MBTI type: ISTJ, ISFJ)

Extravert Intuïtie - Tracht mogelijkheden te ontdekken van iedere objectieve situatie en zoekt voortdurend naar nieuwe mogelijkheden in externe objecten. Verplaatst zich van het ene object naar het andere, om onderlinge relaties te herkennen, patronen op te merken en de betekenis van deze gegevens, daarbij gericht op mogelijkheden in de toekomst.
Extraverte intuïtie ziet zaken als verschillende mogelijke manieren die de werkelijkheid vertegenwoordigen. Met behulp van dit proces, kunnen veel verschillende ideeën, gedachten, overtuigingen en betekenissen naast elkaar bestaan, met de mogelijkheid dat ze allemaal waar zijn. Dit is het creatief integreren van verbanden en betekenissen. Er komt vaak een dieperliggende kwaliteit door het gebruik van dit proces naar boven. .Een nieuwe strategie of concept komt op, gebaseerd op de hier-en-nu-interactie, welke hiervoor als geheel onvoorstelbaar was. Extraverte intuïtie geeft de bewustwording dat er altijd andere mogelijke zienswijzen zijn, omdat elk probleem of situatie zoveel verschillende kanten heeft.

Introvert Intuïtie - Tast de mogelijkheden af van mentale verschijnselen vooral van beelden die uit het archetype stammen. Verplaatst zich van het ene beeld naar het andere, voorzien van gevolgen, conceptualiseren en het zien van toekomstbeelden of diepere betekenissen. Introvert intuïtie heeft vaak een waarneming hoe dingen zullen zijn. De details kunnen iets wazig zijn, maar wanneer men afstemt op dit proces is er een gevoel van hoe de zaken zullen worden. Met behulp van dit proces, is men vaak in staat een beeld of idee te hebben van wat er zal gebeuren, zonder dat er al toegang tot alle feiten en gegevens is.

Soms is er het besef van wat er gebeurt, ook wanneer er geen zintuiglijke gegevens zijn om op af te gaan. Andere keren dat Introverte intuïtie werkt, is wanneer we een concept begrijpen of het hele plan, patroon, theorie of uitleg doorzien. Het zijn de soort beelden die ons tijdens en afgezonderde, meditatieve toestand, of in dromen helpen iets diep te begrijpen.

Soms zijn deze beelden symbolisch. Bij het gebruik van dit proces, focussen we ons waarschijnlijk op iets in de toekomst of op een universeel patroon. Deze informatie kan vervolgens worden gebruikt om een beslissing te maken. Introvert intuïtie synthetiseert een schijnbaar paradoxale of tegenstrijdig probleem of situatie naar een oplossing van een nieuw niveau. Met behulp van dit proces zijn er momenten, waarop een volledig nieuwe ingeving opkomt. Er is een loskoppeling van de omgeving, gevolgd door een plotselinge beleving. Deze inzichten lijken van de psyche afkomstig zijn en hebben een sterke mate van zekerheid en een daardoor dwingende noodzaak deze om te zetten naar daden.

Extravert Voelen - Gebonden aan externe en objectieve criteria, aanvoelen of iets mooi of lelijk is n.a.v. conventionele en behoudende maatstaven. Rekening houden met anderen en op hen reageren. Het Extravert voelen proces wordt gebruikt met betrekking tot bepaalde mensen en situaties en heeft daarom een meer ‘hier en nu’ dan een universele, toekomst of verleden gerichte kwaliteit. Wanneer specifieke mensen uit onze aanwezigheid of bewustzijn zijn, kunnen we ons aanpassen aan nieuwe mensen of situaties. Dit proces helpt de sociale interactie op gang te houden. Vaak houdt het proces van Extravert voelen een verlangen in om in contact te komen (of te verbinden met) anderen en wordt meestal uitgedrukt door een blijk van warmte (of ongenoegen) en zich openstellen. De sociale deugden, zoals beleefdheid, aardig en vriendelijkheid, zorgzaamheid en afgestemd op anderen zijn, wikkelen zich af rond het proces van Extravert voelen. Met behulp van dit proces, reageert men volgens de kenbare of zelfs onuitgesproken wensen en behoeften van anderen. Er kan geïnformeerd worden wat mensen willen of nodig hebben of zich dusdanig openstellen dat zij meer over zichzelf vertellen. Dit vormt vaak de aanleiding tot verder contact en geeft meer kennis, zodat het gedrag beter aan anderen aangepast kan worden.

Introvert Voelen - Gebaseerd op subjectieve omstandigheden, oerbeelden uit de archetypen.
Origineel, uitzonderlijk creatief en soms bizar, omdat het zich niet stoort aan de conventie.
Het evalueren van belangen en het behoud van congruentie. Het is vaak moeilijk om woorden te verbinden aan de waarden die worden gebruikt in relatie met Introvert voelen, omdat ze vaak meer in verband gebracht kunnen worden met beelden en gevoelssfeer. Als cognitief proces, dient het vaak als filter voor informatie die overeenkomt met wat gewenst en gewaardeerd wordt. Het proces van Introvert voelen is actief, wanneer een waarde geschonden wordt waarvan men vind, dat hiervan gewoon iets gezegd moet worden.

Aan de andere kant, werkt dit proces meestal binnenin en wordt zelden direct uitgedrukt. Daden zeggen hier vaak meer dan woorden. Dit proces helpt ons te weten of mensen onecht of onoprecht zijn, of dat ze in principe in orde zijn. Het is als een inwendige waarneming van de ‘essentie’ van een persoon of een project en het lezen van de ander, actie of project met een fijn onderscheid van de klanksfeer. Wanneer de waarden en overtuigingen van de andere persoon samenvallen met die van onszelf, zijn we geneigd verwantschap met hen te voelen en de verbinding met hen aan te willen gaan.

Extravert Denken - Inductief denken, waarbij de denkbeelden afkomstig zijn, of ontstaan door feitelijke informatie (objectief). Het object dat het denken activeert is afkomstig uit de buitenwereld, d.m.v. prikkeling van de zintuigen.Het organiseren, segmenteren, sorteren en de toepassing van logica en criteria. Indeling, programmering en kwantificering maken gebruik van het van het proces van Extravert denken. Het helpt ons bij organiseren van onze omgeving en ideeën door middel van diagrammen, tabellen, grafieken, enzovoort.Soms is het organiseren van Extravert Denken meer abstract, zoals een kritische op- of aanmerking, welke wordt gemaakt ter verbetering van het denkproces van de ander.
In de communicatie helpt Extravert denken ons de volgorde, of organisatie van de logica van iemand anders gemakkelijk te volgen. Het helpt ons ook op te merken, wanneer er iets ontbreekt. Over het algemeen geeft het de mogelijkheid de vele aspecten van het leven in te delen, zodat men in staat is om de gestelde doelen te verwezenlijken.

Introvert Denken - Subjectieve denkwijze over de innerlijke wereld, belangstelling voor denkbeelden zondermeer. Deductief denken, het zoeken in de buitenwereld naar zaken die het denkbeeld staven (subjectief). Het analyseren, categoriseren en uit vinden hoe iets werkt. Introvert denken is vaak betrokken bij het vinden van de juiste woorden om een idee kort en bondig weer te geven. Het gebruik van Introvert denken is als het hebben van een inwendige waarneming van de essentiële eigenschappen van iets; het onderscheid in wat iets maakt wat het is en dit te benoemen. Daarnaast heeft het betrekking op het interne proces van beredenering. die de subcategorieën van een classificatie en sub-beginselen van algemene principes ontdekt. Deze kunnen vervolgens worden gebruikt bij het oplossen van problemen, analyse of de verfijning van een product, idee of concept.
Dit proces blijkt uit het gedrag, zoals het ontrafelen of uiteen nemen van dingen of ideeën, om uit te vinden hoe ze werken. De analyse richt zich op de verschillende kanten van een zaak en het zien, wanneer er sprake is van tegenstrijdigheid. Er is een zoektocht naar een optimale oplossing van problemen, met de minste hoeveelheid werk of schade bij het aanpassen aan een systeem.

Extravert Gewaarworden - Wordt bepaald door de aard van de objectieve realiteit, waarmee de mens geconfronteerd wordt. Er is hierbij een rechtstreekse weergave van het object. Beleving en inspiratie door de fysieke wereld, gericht op een zichtbare reactie en relevante informatie. Er is een eenheid met de ervaring, geen benoemen of beschrijven, slechts pure, levendige ervaring. Het hele beeld komt vrijwel in een keer in het bewustzijn. Er is hierbij een aantrekkingskracht om meer en meer op zoek te gaan naar variatie in ervaring die de zintuigen intens prikkelen. Geestelijke stimulatie, welke rijkelijk beschrijvend is kan ook Extraverte gewaarworden oproepen. Het proces is kortstondig en gebonden aan de gebeurtenissen van de onmiddellijke situatie. Het wordt gebruikt in het hier en nu en het helpt ons te weten wat er echt in de fysieke wereld is en hierop aan te passen. Extravert gewaarworden doet zich voor, wanneer we zoeken naar informatie die relevant is voor onze interesses. We zullen dan deze gegevens en feiten, zoals statistieken, de locaties van objecten of namen in ons opnemen. Er kan een actief zoeken zijn naar meer en meer informatie om het beeld van het geheel compleet te krijgen, tot alle bronnen uitgeput zijn of iets anders de aandacht opeist.

Introvert Gewaarworden - Bepaald door de subjectieve realiteit van het ogenblik, sterk beïnvloed door de psychische gesteldheid van de persoon en deze lijkt uit de psyche zelf voort te komen.
Reflectie naar het verleden, het herinneren van gedetailleerde gegevens en waar deze aan gekoppeld zijn. Gewaarworden betreft vaak het opslaan van gegevens en informatie om deze vervolgens te vergelijken en te contrasteren met de huidige vergelijkbare waarneming.
De directe ervaring of woorden zijn direct verbonden met de eerdere ervaringen, waarbij men opmerkt dat er een onderlinge gelijkenis of verschil is.

Introvert gewaarworden is ook actief als men iemand ziet die aan iemand anders herinnert. Soms komt de gevoelssfeer die verband houdt met het herinnerde beeld naar het bewustzijn, samengaand met de informatie zelf. Hier kan het beeld zo sterk zijn, dat het lichaam reageert alsof het de ervaring herbeleeft. Dit kan worden gezien als gevoelens van nostalgie of een verlangen naar de gang van zaken van vroeger.

http://www.homeopathie-info.com

Geen opmerkingen: